Sint Nicolaaskerk Brouwershaven

Van Ark

Ga naar: navigatie, zoek
single related others afbeeldingen

De N.H. Sint Nicolaaskerk is gelegen aan de rand van het havenstadje Brouwershaven. De kerk werd, door het geringe aantal parochianen, in verschillende fasen gebouwd. Om het project te financieren hief het stadsbestuur onder andere belastingen op bier en haring. De tekeningen van de restauratiearchitect Lussanet de la Sablonière geven ons een beeld van de verschillende bouwfasen tussen 1325 en 1650.

Inhoud

[bewerk] Ontstaansgeschiedenis

De eerste plannen voor de bouw van een kerk in Brouwershaven dateren van kort na de stichting van het stadje door Floris V en Jan van Renesse in 1285. In 1325 was de kerk, toen nog gewijd aan Petrus en Paulus, af. De elf meter brede kerk bestond slechts uit één beuk en had een klein rechthoekig koor. Het was dit koor dat als eerste vervangen werd door een nieuw vijfhoekig koor met kooromgang en bijhorende kapellen. Even later werd er een dwarsbeuk (transept) toegevoegd. Dit gebeurde aan het begin van de 15e eeuw. De zuilen van het koor zijn versierd met de voorlopers van de Brabantse koolbladkapitelen en tonen dan ook duidelijk de overgang van de Vlaamse naar de rijkelijk gedetailleerde Brabantse gotiek.

In het eerste kwart van de 16e eeuw werd het eenbeukige schip vervangen door het huidige hallenschip. Het houtengewelf, dat rust op gesneden houten figuurtjes, bleef behouden. Vanaf 1540 wordt de kerk aan de heilige Nicolaas, de patroonheilige van de zeevaarders, gewijd. Hiernaar verwijzen de twee houten figuren die Jacobus en Nicolas verbeelden. Zij waren schutspatronen van de zeelieden. Rond deze periode kreeg de kerk ook een consistoriekamer met een prachtig gewelf en rijke beschildering. In deze kamer vergaderde de kerkenraad. Wanneer de kerk omstreeks 1573 in de handen van de protestanten valt, wordt de Sint Nicolaaskerk nogmaals vergroot. De kerk wordt voorzien van een ruime zuiderzijbeuk, een zuid- en westportaal, een sacristie en een, nu weer verdwenen, doopkapel. Kort daarop worden ook de noorder- en de middenbeuk vergroot. Tevens wordt het broodhuisje, dat diende om brood aan de armen uit te delen, aangebouwd. Later werd ook nog de schouw, voor het warmstoken van de kolen voor de voetstoofjes, aangebracht.

De eerste toren van de Sint Nicolaaskerk dateert van 1667. Deze toren met zijn drie klokken werd in 1734 vernieuwd maar in de Franse tijd werd het kerkelijke symbool weer met de grond gelijk gemaakt. Aan het einde van de 19e eeuw startte men met de heropbouw van de toren. De laatste aanpassing gebeurde in 1932, toen de toren werd vergroot.

Halfweg de 20e eeuw drong zich een grondige restauratie op aan het kerkgebouw. Deze gebeurde tussen 1956 en 1962 onder leiding van restauratiearchitect Lussanet de la Sablonière. Jammerlijk genoeg diende zich het volgende jaar reeds een nieuwe restauratie aan. Dit maal moest de kapconstructie, die zwaar werd aangevreten door ongedierte (de bonte knaagkever) worden aangepakt. Een laatste restauratie werd begin jaren ’90 van de 20e eeuw uitgevoerd.

In 1994 was de N.H. Sint Nicolaaskerk eindelijk weer klaar voor gebruik. De uiteindelijke sobere hallenkerk is 82,5 meter lang, 28,5 meter breed en bijna 25 meter hoog. Het vroegere rijkelijk versierde interieur met de verschillende zijaltaren van de gilden heeft sinds de Beeldenstorm plaats gemaakt voor een sober binnenwerk. Toch wisten enkele delen te ontsnappen aan de nietsontziende vernielingen van de protestanten. Onder andere de twee beelden van Jacobus en Nicolas bleven gespaard.

[bewerk] Het interieur

Binnen in de kerk getuigen het orgel, de preekstoel, het votiefscheepje, de Avondmaalstafel, de Altaren en de verscheidene grafstenen van het rijke verleden van de kerk.

[bewerk] Het orgel

Het orgel heeft nog steeds de prachtige 16e eeuwse kas. Dit orgel werd door de orgelbouwer Hendrik Niehoff en zijn zoon Nicolaas in 1557 vervaardigd. De nog steeds bestaande orgelkas met het rijke renaissance snijwerk werd gemaakt door hun vaste schrijnwerker Schalken. Wegens zijn monumentale waarde werd het pronkstuk in 1892 aangekocht door het Rijksmuseum van Amsterdam. Dit omdat het orgel door een forse beschadiging van de kerk en het orgelhuis als gevolg van een zware storm verloren dreigde te gaan. Deze aankoop kon echter niet verhinderen dat het binnenwerk van het orgel verloren ging. In 1901 gaf het Rijksmuseum de kas in bruikleen terug aan Brouwershaven. De stad liet het luisterrijke instrument opnieuw van binnenwerk voorzien door Maarschalkerweerd. Het orgel kreeg echter zwaar te lijden onder de watersnoodramp van 1953, en het werd afgekeurd. Een gift uit het Rampenfonds liet toe om een nieuw instrument te bouwen in het hoofdwerk. Dit werd verwezenlijkt door de gebroeders Van Vulpen te Utrecht in 1968. Ook werden de kassen grondig gerestaureerd. De gift was echter niet genoeg om het instrument van nieuw rugwerk te voorzien. Men diende tot 1980 te wachten eer ook dat, door van Vulpen, kon hersteld worden.

[bewerk] Preekstoel

De preekstoel werd in 1773 in de toen geldende flamboyante rococostijl gebouwd. Het was een geschenk van Hobius de Krijger, aan wie het gedicht boven één der deuren is gewijd.

[bewerk] Votiefscheepje

Voor het orgel hangt sinds 1806 een houten scheepje. Het prachtige werkje is een model van een 18e eeuws konvooischip. Deze schepen werden gebruikt om de koopvaardijschepen te begeleiden en te beschermen tegen kapers.

[bewerk] Avondmaalstafel

De avondmaalstafel voor de kansel met de bijhorende banken dateert uit 1600. Ook de banken rond de pilaren stammen uit deze tijd. De donkere Herenbanken zijn bijna twee eeuwen ouder en werden vervaardigd in 1779. De beide kaarsenkronen die de avondmaalstafel sieren werden in 1644 gemaakt door Krijn Andries.

[bewerk] Altaren

In het koor, ofwel de wandelkerk, stond vroeger het hoofdaltaar dat gewijd was aan Petrus en Paulus. In de nissen bevonden zich, zoals gewoonlijk, de altaren van de gilden. De laat 18e eeuwse afscheiding tussen koor- en preekkerk werd bij de restauratie van 1963 gedeeltelijk verwijderd, hierdoor ontstond een prachtige ruimte- en lichtwerking.

[bewerk] Grafstenen

Vroeger kregen vooraanstaanden hun laatste rustplaats in de kerk. In de Sint Nicolaaskerk bevinden zich achter de preekstoel de grafstenen van de moeder en de tante van Jacob Cats, in het koor ligt de prachtige steen van de familie van Borssele.


[bewerk] Galerij

[bewerk] Bronnen en referenties

Bronnen en referenties:
Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen