Oudland Schouwen-Duiveland

Van Ark

Ga naar: navigatie, zoek
single related others afbeeldingen

Inhoud

[bewerk] Algemeen

Oudland en nieuwland zijn twee landschapstypen van het zuidwestelijk zeekleigebied. Oudland heeft zich, zoals de naam het zegt, eerst gevormd, nieuwland ontstond in het midden van de 13e eeuw toen de mens land op de zee probeerde te herwinnen.

[bewerk] Karakteristiek

Het oude zeekleilandschap heeft zich gevormd na de Romeinse periode (ca. 300 na Christus), toen Zeeland en de Zuid-Hollandse Eilanden geteisterd werden door talrijke zware overstromingen. Hierdoor werden in de veengrond geulen uitgeslepen die zich op hun beurt weer vulden met zand en klei. Toen het water wegtrok, daalde de bodem (inklinking) rond deze dichtgeslibde kreken meer dan de mengeling van zand- en kleigrond in de geulen zelf. Hierdoor kwamen de voormalige dieper gelegen kreken hoger te liggen dan de omliggende poelgronden. Deze hoogtes werden/worden kreekruggen genoemd. Vanaf de 9e eeuw werden op de kreekruggen dorpen, wegen en akkers aangelegd. De lagere poelgronden werden, evenals de schorren, gebruikt als weide en hooiland. Toen het Deltagebied tussen 1014 en 1042 opnieuw zwaar te lijden had onder zware stormen werden de woonhoogtes opgeworpen van één meter tot twee meter. Sommigen groeiden zelfs uit tot ware woonterpen. Enkele van deze individuele woonterpen werden opgehoogd tot vlied- of kasteelbergen. In 1134 werd het land opnieuw getroffen door een nietsontziende stormvloed. Dit was de aanleiding voor de systematische omdijking van het oudland. In de late middeleeuwen begon de bewoning op het oudland met het winnen van veen (moernering) voor de productie van zout en brandstof. Dit gebeurde door het maaiveld te ontdoen van zijn dunne kleilaag en het daardoor vrijgekomen veen af te graven en te drogen. Voor zoutwinning (selnering) werd dit veen overgoten met zout (zee)water. Wanneer de veengrond verzadigd was met zout, kon men door middel van verbranding het zout uit de assen winnen. Na afgraving van het veen werd de verwijderde klei weer over het oppervlakte verspreid waardoor er een onregelmatig of hollebollig maaiveld ontstond dat een stuk lager lag dan voor de ontginning.

[bewerk] locatie

Op Schouwen-Duiveland is oudland vooral te vinden op Schouwen. Op Duiveland is er een klein stuk oudland te vinden rond Zierikzee. De meeste dorpen op het oudland van Schouwen-Duiveland zijn kerkringdorpen die op kreekruggen liggen. Hier lagen ook de wegen en vond intensief grondgebruik plaats. Door grootschalige ruilverkavelingen zijn de verschillen tussen oudland en nieuwland grotendeels verloren gegaan.

[bewerk] Kenmerken

Tot de kenmerken van het oudland behoren onder andere de hoger gelegen kreekruggen en de lagergelegen poelgronden. Het hollebollig karakter van de vroegere moerneringsgebieden, welen, watergangen, sprinken, kreken, drinkputten op kreekruggen, vliedbergen, turfvaarten (Zeeuws-Vlaanderen) en een onregelmatige blokverkaveling van de poelgronden die men her en der terugvindt.

[bewerk] Bronnen

[bewerk] Links

Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen