Nederzettingstype Dijk- en wegdorp, Schouwen-Duiveland

Van Ark

Ga naar: navigatie, zoek
single related others afbeeldingen

Inventarisatierapport CHS (2006)


Nederzettingstype In Zeeland komen in hoofdzaak vier dorpstypen voor: - ringdorp, - dijkdorp en wegdorp, met subtype kruiswegdorp, - burgdorp, - voorstraatdorp, met subtype ring-voorstraatdorp.

Bij de typologie zijn twee uitgangspunten gehanteerd: - de stedelijke nederzettingen zijn buiten beschouwing gelaten (stedelijke vestingwerken zijn wel in de CHS opgenomen in de categorie defensie). - in de CHS zijn alleen de nederzettingen opgenomen waarvan de kenmerken van een bepaald type nog als zodanig in het huidige beeld herkenbaar zijn. Geheel verdwenen dorpen, bijvoorbeeld het Walcherse Schellach zijn dus niet opgenomen, evenmin als verdronken dorpen. Zogenaamde ‘gereduceerde’ (kortweg: gekrompen) dorpen zijn wel meegenomen (zie hieronder).

Naast de genoemde vier typen bestaan er ook andere nederzettingsvormen. Hierbij kan het gaan om een combinatie van verschillende typen. In dat geval wordt de nederzetting onder de meest recente vorm opgenomen. Een voorbeeld is ’s-Heer-Arendskerke op Zuid-Beveland, in oorsprong hoogstwaarschijnlijk een ringdorp. Bij latere ontwikkeling is de ring via een voorstaat verbonden geraakt met de vroegere zeedijk. Het dorp wordt in de typologie op de eindsituatie beoordeeld als ring-voorstraatdorp. Sommige dorpen zijn te typeren als gereduceerde of onvolledig ontwikkelde nederzettingen (gehuchten of buurtschappen), bijvoorbeeld Baarsdorp, Brijdorpe, Eversdijk, Hoogelande, Looperskapelle, Het Oudeland/Schakerlo, Wissekerke (bij ’s-Heer Arendskerke) en Zanddijk. Verder liggen er enkele nederzettingen in Zeeland die onder geen van de bovenstaande typen vallen. Bijvoorbeeld de voormalige vesting Bath, grensgehuchten op de grens Nederland-België of havenplaatsen (deze vallen verder meestal onder de voorstraatdorpen).

Het ontstaan of de aanleg van een nederzetting was vaak gerelateerd aan de aanwezigheid van een haven, kruising van wegen en/of vaarten, kerk, dijk, burcht of terp. De verdere ontwikkeling was afhankelijk van diverse sociaal-economische, politieke, landschappelijke en andere factoren. De ontwikkeling van de nederzetting door de jaren heeft soms geresulteerd in een verandering in de oorspronkelijke plattegrond. Deze kan daardoor onherkenbaar zijn geworden in het huidige beeld. Er zijn bijvoorbeeld nieuwe wegen aangelegd, oude verlegd of de bebouwing is sterk uitgebreid.

Dijk- en wegdorp Dijk- en wegdorpen komen in heel Zeeland voor en zijn niet zoals het ringdorp en het voorstraatdorp voornamelijk gerelateerd aan het oud- of nieuwland. Dijkdorpen, zoals de naam al zegt, zijn ontstaan langs dijken en wegdorpen langs (een kruising van) wegen. Dijkdorpen zijn meestal min of meer spontaan ontstaan en vertonen een uiterst eenvoudige, lineaire plattegrond. De dorpen zijn doorgaans gebouwd langs de binnenkant van een zeedijk (soms een kanaal- of polderdijk). Na aandijking van een nieuwe polder was uitbreiding van het dorp mogelijk aan de buitenkant van de oude zeedijk, die niet langer een waterkerende functie had. Een centrum ontbreekt vaak in een dijkdorp en een kerk kwam er alleen als het aantal inwoners groot genoeg was.

Wegdorpen (ook wel straatdorpen) zijn vaak, net als de dijkdorpen, zonder plan ontstaan als lintbebouwing langs een polderweg of een splitsing van polderwegen. Het kruiswegdorp is een subtype dat vaak ontstond in de grotere polders vanaf de 17e eeuw. Hierbij werd gekozen voor een kruising van twee of meerdere polderwegen als uitgangspunt voor de nederzetting. De plattegrond van een kruiswegdorp bestaat veelal uit een vierkant plein waar in één hoek de kerk werd gebouwd, in een andere hoek de pastorie, daartegenover het raadhuis en in de resterende hoek het dorpscafé. Soms ontbreekt het plein en wordt het centrale middelpunt gevormd door het kruis van twee wegen of vaarten of een combinatie van beiden. De overige bebouwing verrees langs één van de op de kruising toelopende assen. Borssele is het opvallendste voorbeeld van een kruiswegdorp dat volgens geometrische opzet planmatig is aangelegd.

Schouwen-Duiveland: Ellemeet, Oosterland, Scharendijke, Westenschouwen, Zonnemaire, Sirjansland

Walcheren: Vrouwenpolder, Dishoek, Brigdamme

Noord- en Zuid-Beveland: Baarland, Borssele, Driewegen, Heinkenszand, Hoedekenskerke, Krabbendijke, Kruiningen, Kwadendamme, Lewedorp, Nieuwdorp, Ovezande, Rilland, ’s-Heerenhoek, Wemeldinge, Wilhelminadorp

Tholen: Anna Jacobapolder

Zeeuwsch-Vlaanderen: Retranchement, Driewegen, Groenendijk, Koewacht, Kuitaart, Lamswaarde, Nieuw-Namen, Nieuwvliet, Ossenisse , Sint Jansteen, Terhole, Volgelwaarde, Waterlandkerkje, Zuiddorpe, Zuidzande, Reuzenhoek, Zaamslagveer, Nieuwemolen, Graauw, Hengstdijk, Hoek, Kloosterzande, Westdorpe, Schapenbout, Paal, Schoondijke, Bouchauterhaven, Clinge, Heikant, Zaamslag, Zandstraat

Bron

Hooft,’t, 1946 Klerk, de, 2003 KZGdW, 1982 Steegh, 1985 ZeelandNet

Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen